Wat voor school zijn wij?

Wij zijn als school een school voor speciaal onderwijs. Wij bieden gespecialiseerd onderwijs aan leerlingen die zeer moeilijk leren. 

Speciaal onderwijs is voor leerlingen met een lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke beperking en voor leerlingen die psychische problemen of gedragsproblemen hebben. Het speciaal basisonderwijs is voor kinderen die zich in het regulier onderwijs niet optimaal ontwikkelen. Hier gaat het om leerlingen met lichtere problematiek. Het Samenwerkingsverband adviseert ouders en scholen waar kinderen het beste naartoe kunnen.


Wat is het speciaal onderwijs?

Niet alle ouders weten dat er een verschil is tussen speciaal onderwijs (so) en speciaal basisonderwijs (sbo). Zelfs scholen gebruiken de termen wel eens door elkaar. Scholen voor so zijn voor leerlingen met een lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke beperking. Maar ook leerlingen met psychische problemen of gedragsproblemen kunnen hier terecht.

Het speciaal onderwijs is verdeeld in vier clusters, namelijk:

  • Cluster 1: Scholen voor blinde of slechtziende leerlingen (visueel gehandicapte leerlingen).
  • Cluster 2: Scholen voor dove leerlingen en slechthorende leerlingen. Maar ook voor leerlingen met ernstige spraakmoeilijkheden en leerlingen met communicatieve problemen.
  • Cluster 3: Scholen voor leerlingen met lichamelijke en/of verstandelijke beperkingen. Maar ook voor zeer moeilijk lerende leerlingen, langdurig zieke leerlingen met een lichamelijke handicap, leerlingen met epilepsie en meervoudig gehandicapte leerlingen die zeer moeilijk leren.
  • Cluster 4: Scholen voor leerlingen met ernstige gedragsproblemen en/of psychiatrische problemen.

Wat is speciaal basisonderwijs?

In Amsterdam gaat ongeveer één op de twintig kinderen in de basisschoolleeftijd naar het speciaal onderwijs (ruim vijf procent in schooljaar 2020-2021). Bron: CBS.

Het sbo biedt onderwijs aan leerlingen die zich op het regulier onderwijs niet optimaal ontwikkelen. Het gaat hier om lichtere problematiek dan de problematiek waar leerlingen op het speciaal onderwijs mee te maken hebben. Denk bij lichtere problematiek bijvoorbeeld aan een leerling met een concentratieprobleem, waardoor het leren wordt belemmerd.

In het speciaal basisonderwijs krijgen leerlingen in kleinere klassen les, zodat zij minder prikkels krijgen. Bovendien krijgen zij extra ondersteuning om de onderwijsdoelen te bereiken. In Amsterdam gaat ongeveer één op de vijftig kinderen naar het speciaal basisonderwijs (2% in schooljaar 2020-2021). Dit aantal is de afgelopen jaren toegenomen. Bron: CBS.

Verschillen

SBO en SO zijn niet hetzelfde. Er is een aantal duidelijke verschillen, waaronder:

  • het speciaal basisonderwijs valt net als het reguliere onderwijs onder de Wet op primair onderwijs (WPO), terwijl het speciaal onderwijs onder de Wet op de expertisecentra (WEC) valt;
  • voor het speciaal basisonderwijs gelden de kerndoelen uit de WPO, terwijl voor het speciaal onderwijs de kerndoelen uit de WEC gelden;
  • het speciaal basisonderwijs is erop gericht dat zoveel mogelijk leerlingen na groep 8 doorstromen naar regulier voortgezet onderwijs. Lukt dit niet, dan stroomt een leerling door naar een tussenvoorziening of het voortgezet speciaal onderwijs (vso). Kinderen in het speciaal onderwijs stromen daarentegen bijna altijd door naar het voortgezet speciaal onderwijs. 

Leerlingvolgsysteem

Van iedere leerling worden de leervorderingen vastgelegd in overzichten, waarin de persoonlijke ontwikkeling van de leerlingen zichtbaar worden. Alle gegevens die wij door middel van observaties en toetsen verzamelen worden met de ouders besproken. Dit systeem is digitaal. Het digitale systeem heet ParnasSys en maakt het ons makkelijk de gegevens inzichtelijk te hebben.

Ons leerlingvolgsysteem maakt het ons mogelijk snel en adequaat inzicht te krijgen in de leerontwikkeling van de leerling. Hiermee willen wij het optimale met de leerling bereiken.

Ontwikkelingsperspectief / rapport

Het ontwikkelingsperspectief is ons schoolrapport. Hierin staat naar welke uitstroombestemming en daarmee samenhangend uitstroomniveau de school de leerling begeleidt. Met andere woorden: waar is de leerling het best op zijn plek na deze school? Dit doen we door hoge, maar vooral passende doelen te stellen. Deze doelen zijn terug te vinden in onze schoolstandaard en onze leerlijnen. 
Het ontwikkelingsperspectief wordt vanaf het vierde jaar vastgesteld bij al onze leerlingen. Jaarlijks wordt dit perspectief, de opbrengsten en de daarbij behorende onderwijsbehoeften met de Commissie van Begeleiding en de leerkracht opnieuw vastgesteld. Twee keer per jaar wordt het ontwikkelingsperspectief  met ouders besproken in het OPP-gesprek. Voor meer informatie en een duidelijke uitleg over het OPP, aanbod, leerlijnen, enz. volgt u deze link.


Ontwikkelgebieden

Op onze school werken we aan de verschillende ontwikkelgebieden. Dat zijn de ontwikkelgebieden; taal, rekenen, sociaal-emotionele ontwikkeling, burgerschap, praktische redzaamheid, digitale geletterdheid, culturele vorming, spel, lerenleren, bewegingsonderwijs en seksuele vorming en weerbaarheid.

Op onze school wordt er gewerkt met de leerlijnen voor het ZML-onderwijs. Deze leerlijnen spelen een centrale rol bij het vormgeven van de inhoud van het onderwijs. Het betreft hier niet alleen de zogenaamde ‘leer’-vakken, zoals mondelinge taal, schriftelijke taal en rekenen, maar ook leergebieden als sociaal-emotionele ontwikkeling en leren leren. We werken, per leerroute, toe naar een uitstroomniveau. Deze uitstroomniveaus verschillen per leerroute.

Taal

Elke leerling is op zijn of haar niveau met taal bezig: leren spreken, leren lezen, lezen en spellen op AVI-niveau. De indeling van de leerlingen gebeurt naar aanleiding van de taaltoetsen tweemaal per jaar. De niveaugroepen noemen we taalblokgroepen. Vier ochtenden van de week  starten we de dag met de taalblokgroepen. 

Woordenschat

Elke week worden er in elke klas twee woordclusters (van ongeveer 4 woorden) aangeleerd. Deze woorden horen bij een  thema  en worden dagelijks herhaald in expliciete woordenschatlessen. Er zijn vijf thema’s in een jaar. Voorbeelden van thema’s zijn: ziek zijn, water, sport, gezonde voeding, wonen. De woorden worden aangeboden in een woordweb en zijn altijd zichtbaar in de klas op de woordmuur. Wij hebben een methode voor de woordenschatontwikkeling. Dit is logo3000. 

Schrijven

Elke leerling is op zijn of haar niveau met schrijven bezig: oefeningen voor de fijne motoriek, oefeningen voor de schrijfmotoriek of het schrijven van letters, woorden of zinnen. In de taalblok groepen en klassikaal in de groepen wordt er gewerkt aan de schrijfontwikkeling. We gebruiken hiervoor de methode Schrijven leer je zo!

Rekenen

Elke leerling is op zijn of haar niveau met  rekenen bezig:  sorteren, tellen, optellen en aftrekken, meten en wegen, geldrekenen, klokkijken. De indeling van de leerlingen gebeurt naar aanleiding van de rekentoetsen tweemaal per jaar. De niveaugroepen noemen we rekenblok groepen. Vier ochtend in de week, na de taalblokgroep gaan de leerlingen naar hun rekenblokgroep.

Sociaal emotionele ontwikkeling

Leerlingen leren sociaal emotionele vaardigheden, bijvoorbeeld zelfvertrouwen krijgen, hulp vragen, samenwerken, gevoelens herkennen en benoemen, contact leggen, conflicten oplossen en je inleven in de ander. Onze methode voor de sociaal-emotionele ontwikkeling  is De Vreedzame School.

Praktische redzaamheid

Praktische alledaagse handelingen gebeuren niet altijd ‘vanzelf’, extra training en ondersteuning is vaak nodig. Het streven is de leerling zo zelfstandig mogelijk te maken. De leerlingen leren bijvoorbeeld zelfstandig eten en drinken, aan- en uitkleden, afwassen en afdrogen, handen wassen, naar het toilet gaan, opruimen of tafel dekken.

Leren leren

Leren leren geeft leerlingen handvatten om makkelijker en slimmer te leren. Leerlingen leren zelfstandig werken, samenwerken, om hulp vragen en te reflecteren op eigen werk.

Digitale geletterdheid

ICT is een van de belangrijkste middelen waarmee we nu en in de toekomst informatie verzamelen en bewerken.  Voor onze leerlingen biedt ICT veel kansen. Het is daarom belangrijk dat de leerlingen voldoende ICT-vaardigheden beheersen. Om deze te kunnen ontwikkelen gaan we de komende jaren intensief aan de slag met het ontwikkelen van een curriculum passend bij onze leerlingen. De school beschikt over iPads, computers, laptops en chromebooks. In ons jaarplan is het ontwikkelen van een curriculum voor digitale geletterdheid opgenomen.

Cultuureducatie

De leerlingen maken kennis met kunstzinnige en culturele aspecten in hun leefwereld. De leerlingen gaan naar uitvoeringen toe bijvoorbeeld in het Concertgebouw, het Muziekgebouw aan het IJ of er komt een theatergroep de school in zoals de Cliniclowns. Ze leren er actief aan deel te nemen. Aslan muziekcentrum verzorgt ons onderwijsaanbod op het gebied van muziek, dans en theater. 

Beeldende lessen

De leerling leert vaardigheden waarmee hij/zij zich creatief en kunstzinnig kan uiten, passend bij de eigen mogelijkheden, talenten en voorkeuren. Op onze school werken we op twee manieren aan beeldend onderwijs: in de klas (leerlingen leren vaardigheden als knippen, plakken, verven) en in het atelier (leerlingen gaan experimenteren met verschillende materialen zoals klei, beton, hout, wilgentenen, plastic etc.).

Muziek

Voor muziekonderwijs is Aslan onze partner. Deze muziekschool verzorgt de wekelijkse muzieklessen bij ons op school. Via deze link vindt u meer informatie over Aslan.

Spelontwikkeling 

Spelenderwijs ontwikkelen kinderen zich. Spelen draagt o.a. bij aan het ontwikkelen van creativiteit, fantasie, samenwerken en cognitie. We creëren een omgeving die spel uitlokt, stimuleert en ondersteunt.

Relationele en seksuele vorming

Één keer per jaar is er een landelijke themaweek “lentekriebels” waar onze school ook aan meedoet. Relationele en seksuele vorming binnen het onderwijs gaat verder dan informatie geven over lichamelijke veranderingen en/of voortplanting. Het gaat ook over vriendschap, respect, liefde, weerbaarheid, relaties en omgangsregels. Zaken waar u het thuis waarschijnlijk over heeft, maar die ook op school ter sprake komen. Want op school, in de media, op straat, thuis, overal komen kinderen in aanraking met onderwerpen die met relaties en seksualiteit te maken hebben. School en ouders kunnen elkaar hierin vinden als partners in de opvoeding. “Kriebels in je buik SO” is de methode die wij gebruiken om te werken aan de leerlijnen CED. 

Bewegingsonderwijs

Twee keer in de week krijgen de kinderen gymles van de vakleerkracht bewegingsonderwijs. Het aanleren van technieken en vaardigheden als balanceren, rollen, zwaaien, klimmen, worden afgewisseld met spelvormen. De jongste groepen zijn bewegend op ontdekkingsreis. Bij de oudere groepen ligt de nadruk op samenwerking en teamspelen. Daarnaast worden zij verder uitgedaagd binnen hun motorische ontwikkeling.

Zwemmen 

Elke donderdag gaan de bovenbouwgroepen D, E, F, TG2 Schoolzwemmen in het Noorderparkbad.  De leerlingen van VN1 en VN2 gaan op dinsdag schoolzwemmen in het Noorderparkbad. De leerlingen gaan met een bus naar het zwembad. Ze zijn ingedeeld in niveaugroepen. De leerlingen kunnen eventueel hun zwemdiploma A en B halen tijdens de zwemlessen. De leerlingen uit groep A, B, C en TG 1 krijgen eenmaal in de twee weken zwemles in het watergewenningsbad in school.  

Pauzebegeleiding

Tijdens elke pauze is er een extra begeleider vanuit de organisatie School and Behaviour. Hij speelt mee met de leerlingen en daagt ze uit om lekker te bewegen op ons plein. De medewerkers vanuit school houden toezicht.  

 

Ondersteuning bij ons op school

Alle scholen in Nederland hebben een zorgplicht. Dat betekent dat wij als school onderzoeken of we uw kind passend onderwijs kunnen bieden. We kijken goed naar wat een kind nodig heeft om te leren en groeien, zowel naar wat moeilijk gaat als naar wat al goed gaat.

We stemmen het onderwijs hierop af, zodat elke leerling passend onderwijs krijgt. Hieronder vindt u een uitgebreide beschrijving van ons ondersteuningsaanbod.

De leerlingen op SO De Heldring krijgen 1 van de 4 uitstroomprofielen toegewezen. Een globaal overzicht van de ondersteuningsprofielen en het ondersteuningsaanbod is hier te vinden.

Opbrengsten, in- en uitstroom

Instroom van leerlingen 2025-2026
We starten het schooljaar met 22 nieuwe leerlingen. Er zullen gedurende het schooljaar nog een aantal leerlingen instromen tot een totaal van 104 leerlingen verdeeld over de beide locaties van onze school. De school is daarmee vol en zorgt ervoor dat we geen nieuwe leerlingen meer kunnen aannemen voor schooljaar 2025-2026.

Uitstroom van leerlingen/schoolverlaters
Uit de uitstroomgegevens van de afgelopen jaren blijkt dat de meeste leerlingen van de SO De Heldring op 12-jarige leeftijd doorstromen naar het VSO-ZML onderwijs. Veel van deze leerlingen gaan naar Orion College Noord, VSO De Heldring of VSO Laudy.  In de maand februari zijn de open dagen van deze scholen. 

Elk schooljaar brengen we de leeropbrengsten en uitstroom in kaart. In samenspraak met het bestuur en de inspectie heeft de SO De Heldring zichzelf hierbij als doel gesteld dat minimaal 90% van de leerlingen de (tussentijdse) streefniveaus behaalt voor de zes hoofdvakgebieden. Deze (tussentijdse) streefniveaus zijn vastgelegd in de schoolstandaard van onze school. Voor de uitstroom hebben we als doel gesteld dat minimaal 90% van de leerlingen uitstroomt op het vooraf vastgestelde streefniveau.

Einduitstroom schooljaar 2024-2025
Aantal schoolverlaters naar het VO per leerroute:

Leerroute 4
Leerroute 37 leerlingen
Leerroute 26 leerlingen
Leerroute 11 leerling
Totaal14 leerlingen

Tussentijdse uitstroom schooljaar 2024-2025:

Uitstroom verhuizing3 leerlingen
Doorstroom naar SBO5 leerlingen
Uitstroom dagbesteding1 leerling
Totaal9 leerlingen

U vindt een uitgebreider omschrijving van de opbrengsten via onderstaande link.